Bouwsector moet meer aandacht genereren om het imago te verbeteren

Henri Busker

Door Henri Busker
5 jul 2016
Bouw,

Naast betere kwaliteit van het werk en een beter salaris, kan ook de Dag van de Bouw een bijdrage leverenRotterdam, 5 juli 2016 - Eerder bleek al dat bijna vier op de vijf Nederlanders neutraal (39%) tot positief (38%) aankijkt tegen werken in de bouwsector. Maar hoe valt dit te verbeteren? Het blijk dat naast het afleveren van betere kwaliteit (10%), beter salaris aanbieden (10%) en transparanter zijn (9%) ook meer aandacht en reclame (9%) het beeld over de sector positief kan verbeteren. Hier valt bijvoorbeeld ook een initiatief als de Dag van de Bouw onder. Dit blijkt uit  onderzoek van USP Marketing Consultancy onder ruim 500 huishoudens. Tips van Nederlanders om het imago van de bouwsector te verbeterenIn een eerder verschenen artikel zagen we reeds dat het imago van de bouwsector aan het verbeteren is: van 30% (zeer) positief in 2014 naar 38% (zeer) positief in 2016. Uiteraard wil de bouwsector deze ontwikkeling doorzetten en het liefst versnellen. Volgens de Nederlandse huishoudens kan dat door:

  • De kwaliteit van het geleverde werk te verhogen (10%)
  • Een beter salaris te bieden (10%)
  • Transparanter te gaan werken (9%)
  • Meer aandacht te geven en reclame te maken (9%)
  • Meer aandacht aan personeel te geven, opleiden, sociale vaardigheden en veilige werkomstandigheden (8%)

 Belangrijke rol Dag van de Bouw bij het verbeteren van het imagoEen van de aandachtspunten voor de sector is het genereren van meer (positieve) aandacht, daarbij wordt af en toe ook het voorbeeld van Defensie aangehaald. Uiteraard zijn er allerlei initiatieven om het imago van de bouwsector te verbeteren. Zo zijn er bedrijven die op scholen (zowel in basis, voortgezet en beroepsonderwijs) voorlichting geven of lokale aannemers die folders uitdelen in de wijk waar ze een mooi project hebben gerealiseerd. Een breder, nationaal uitgedragen, initiatief om meer aandacht te vragen voor de bouwsector in Nederland is de Dag van de Bouw. Volgens een kwart tot een derde van de Nederlandse huishoudens kan de Dag van de Bouw in grote mate bijdragen tot 1) een beter imago van de sector, 2) een beter beeld van wat de bouw doet en 3) meer begrip voor de mensen in de bouw. Daarnaast zegt een grote groep (39% tot 48%) daar hier in enige mate een bijdrage aan geleverd kan worden middels de Dag van de Bouw, Slechts weinig mensen geven aan dat dit initiatief er niet toe kan bijdragen. Wat verder opvalt is dat naarmate men de Dag van de Bouw kent of zelfs bezocht heeft, men van mening is dat dit initiatief steeds beter bijdraagt aan het verbeteren van een aantal zaken. Dit is het meest duidelijk te zien bij de imagoverbetering: 53% van de bezoekers zegt dat de Dag van de Bouw bijdraagt aan een beter imago van de sector, terwijl dit bij degene die het initiatief niet kennen slechts 20% is. Maar ook bij de andere aspecten is het verschil aanwezig. bouw0507Verdere bekendheid van de Dag van de Bouw positief effect op het imago van de bouwsectorTijdens de laatste editie van dit initiatief (zaterdag 4 juni) kwamen 93.000 bezoekers kijken naar diverse bouwprojecten. Dit hadden er meer kunnen zijn, aangezien maar een derde van de Nederlanders bekend is met de Dag van de Bouw. Deze bezoekers en bezoekers van voorgaande edities zijn dus van mening dat dit initiatief een wezenlijke bijdrage kan leveren aan het verbeteren van het beeld dat Nederlanders hebben over de bouwsector. Een substantiële verhoging van het aantal bezoekers zou dus naar alle waarschijnlijkheid leiden tot een breder gedragen begrip voor de bouwsector en haar medewerkers. Dit bevestigt de oproep van de Nederlanders om meer aandacht te geven aan en reclame te maken voor de mooie projecten en beroepen die deze sector voortbrengt.Voor meer informatie kunt u contact opnemen met:USP Marketing Consultancy Henri Busker, Business Unit Construction T: 010-2066900 E: busker@usp-mc.nlTechnische verantwoording:Voor dit onderzoek zijn in mei en juni 512 online enquêtes afgenomen onder Nederlandse huishoudens (consumenten van 18 jaar en ouder die zelfstandig wonen).