Beschikbaarheid en betaalbaarheid woningen in meeste regio’s (nog) niet in balans

Bij de invoering van passend toewijzen in 2016 waren de meeste corporatiemedewerkers hoopvol. Men was kritisch, maar de uitgangspunten waren juist. Na een overgangsperiode zou het wellicht kunnen helpen meer balans te brengen in de beschikbaarheid en betaalbaarheid van woningen. Nu, bijna 3 jaar later, zijn corporatiemedewerkers nog steeds licht positief over de uitgangspunten van passend toewijzen. Echter in de uitwerking ziet men wel problemen ontstaan. Zo zegt iets meer dan de helft dat passend toewijzen voor problemen heeft gezorgd voor de huurder/woningzoekende en is men niet positief over het effect op de balans tussen beschikbaarheid en betaalbaarheid van woningen en de investeringsruimte van de corporatie. Ook huurders zien op deze punten nog niet echt verbetering. Dit blijkt uit onderzoek van USP Marketing Consultancy in samenwerking met CorporatieNL.

Regionale verschillen in effecten passend toewijzen

Slechts 1 op de 5 professionals werkzaam bij woningcorporaties, is het eens met de stelling dat door passend toewijzen de betaalbaarheid en beschikbaarheid van woningen in de regio meer in balans is gekomen. De meerderheid is het oneens met deze stelling. Dit is minder positief dan in 2016 het geval was bij onderzoek door USP (35% (zeer) mee eens). Met name medewerkers van corporaties in Amersfoort/Noord Veluwe (80%), Drechtsteden/Hoeksche Waard (71%), Holland Rijnland (71%) en Haaglanden/Midden-Holland/Rotterdam (63%) zijn het opvallend vaak oneens met de stelling.

Verder zegt meer dan de helft van de corporatiemedewerkers (52%) dat er in hun werkgebied niet voldoende aanbod is van gewenste woningtypen. In de metropoolregio Amsterdam en Utrecht ligt dit percentage beduidend hoger op respectievelijk 71% en 80%. De vraag hierbij is of er wel aanbod is, maar het aanbod niet vrij komt óf dat er daadwerkelijk niet genoeg aanbod is van elk gewenst type woning. 


Tekort goedkope huurwoningen voor jongeren/starters

Van de corporatiemedewerkers zegt 35% dat er een tekort aan goedkope huurwoningen (onder de 600 euro per maand) in het werkgebied is. In Randstedelijke woningmarkten ligt dit percentage nog hoger. Ook het merendeel van de sociale huurders (44%) zegt dat er te weinig goedkope huurwoningen zijn. Zowel professionals als woonconsumenten zeggen dat bij jongeren/starters de behoefte het grootst is. Dit met uitzondering van Friesland, Groningen en Zeeland, waar de behoefte iets groter is voor senioren.

Probleem wachtlijsten nog lang niet opgelost

Bijna twee derde van zowel professionals als woonconsumenten is het eens met de stelling dat wachtlijsten voor sociale huurwoningen de afgelopen jaren langer zijn geworden. In de metropoolregio Amsterdam ligt dit onder professionals zelfs op 75%. Ook in de meeste andere (rand)stedelijke woningmarktregio’s ligt het percentage hoger. In Friesland, Oost Nederland, Zeeland en Woongaard zijn professionals het juist het vaker oneens met de stelling. Dé oplossing voor dit probleem is nog niet in zicht. 

Kortom, de invoering van passend toewijzen heeft in de meeste regio’s nog niet opgebracht wat men ervan gehoopt had. Corporatieprofessionals luiden zelfs de klok over verslechtering van de leefbaarheid in de wijk (zie artikel), langer wordende wachtlijsten en een tekort aan woningen. De vraag die daarbij opkomt is of er bij lage beschikbaarheid sprake is van gebrek aan kwaliteit (gebrek aan geschikte woningen), kwantiteit (gebrek aan aantal woningen) of ligt het probleem in de doorstroming (de woningen zijn er wel maar worden door de ‘verkeerde’ bewoners bewoond). 

Over het onderzoek USP ondervroeg ruim 1000 Nederlanders en 250 professionals werkzaam bij woningcorporaties, naar hun mening over actuele thema’s zoals betaalbaarheid en beschikbaarheid van woningen en leefbaarheid in wijken. Dit onderzoek is een initiatief van CorporatieNL en USP Marketing Consultancy in aanloop naar het Woon Event op 2 oktober jl. Benieuwd naar het volledige rapport van dit onderzoek? Klik hier.